Fractievoorzitter GroenLinks Den Haag Arjen Kapteijns en vice-fractievoorzitter Erlijn Wenink

Sterk coalitieakkoord vol eerlijke kansen en groene ambities

Vanmiddag presenteerden Groep de Mos, VVD, D66 en GroenLinks het Haagse coalitieakkoord. GroenLinks treedt met twee wethouders toe tot het stadsbestuur van Den Haag. Met dit akkoord zetten we in op een klimaatneutrale stad in 2030, zorgen we voor schonere lucht en steunen we mensen die het minder hebben. GroenLinks won fors in Den Haag bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Fractievoorzitter Arjen Kapteijns en vice-fractievoorzitter Erlijn Wenink onderhandelden onder leiding van oud-minister Schippers twee maanden intensief met de drie andere partijen. 

Kapteijns: “Den Haag wordt een groene koploper. De komende vier jaar komt er een enorm budget beschikbaar voor duurzaamheid, waarmee we 25.000 bestaande woningen klimaatneutraal maken. Ook gaan we de meest vervuilende auto’s uit de binnenstad weren”. 

Wenink: “Als GroenLinks hebben we een stevige stempel op het akkoord gedrukt. Ik ben er vooral trots op dat we het sociale beleid in Den Haag overeind hebben weten te houden. Het niveau van de armoedevoorzieningen (met de Ooievaarspas) blijft op peil,  lage inkomens gaan niet extra betalen voor de zorg, mensen met schulden krijgen betere hulp en er komt extra geld voor de daklozenopvang”. 

Ook krijgt de culturele sector meer budget, komen er fors meer bomen en groen bij en gaat er meer geld naar beschut werk. Daarnaast sluiten we de helikopterhaven in Ypenburg en gaat de bibliotheek in Bouwlust weer open. 

Afdelingsvoorzitter Niels van den Berge is onder de indruk van het resultaat. “Hiermee verzilveren we onze verkiezingswinst. Dat GroenLinks meebestuurt gaat echt een verschil maken voor mensen in onze stad.” 

Als wethouders draagt de GroenLinks fractie twee zwaargewichten voor.  Kamerlid Liesbeth van Tongeren wordt wethouder ‘Duurzaamheid en energietransitie’ en Bert van Alphen keert terug in het stadsbestuur met de portefeuille ‘Sociale zaken, armoede en maatschappelijke opvang”.